27-04-13

Catechese in de school bij Maria - Catéchèse à l'école de Marie

Catechese in de school bij Maria - een overzicht van de 15 artikels 

Klik hier 

catechese in de school bij maria, catéchèse à l'école de marie, Montfort, Frans Fabry

Catéchèse à l'école de Marie - un aperçu des 15 articles

Clickez ici

De 'poort van het geloof' en Montfort

Frans Fabry, grignion de montfort, bijbel, abraham, benedictus xvi, johannes-paulus iiDit jaar valt 28 april op een zondag – de vijfde paaszondag. Daarom verschuift het feest van de heilige Montfort naar de 29ste. In het Jaar van het Geloof is het een gunstige gelegenheid om in herinnering te brengen dat deze heilige voor velen een uitzonderlijke gids is om de Verrezene te ontmoeten en Hem te dienen. Deze ervaring had hem zo diep aangegrepen dat hij Jezus toeriep: “Hoe wilt Gij dat ik zwijg?3 Hij was toen 31 jaar en is van dat moment af de rondtrekkende getuige en gids geworden voor velen. Dankzij zijn vele geschriften kunnen wij tot vandaag toe achterhalen hoe “God voor hem de poort van het geloof geopend heeft.” Maria was hierbij een kostbare hulp.
 

Een poort

De brief waarmee paus Benedictus XVI het Jaar van het Geloof aankondigde, begint met de woorden: “De Frans Fabry, grignion de montfort, bijbel, abraham, benedictus xvi, johannes-paulus iipoort van het geloof”, een uitdrukking uit de Handelingen van de Apostelen. Hij legt uit dat het om de poort gaat waarlangs wij toegang krijgen tot het leven in gemeenschap met God.  Het is een poort om doorheen te stappen en geen monument om alleen naar te kijken, het te bewonderen of te bekritiseren.  Inderdaad, je zou de Bijbel kunnen benaderen als een bouwwerk dat voor specialisten een studieobject wordt, maar dan kom je niet tot de kern die door God is bedoeld. De Bijbel is een roep van God om je niet te settelen in een concrete levenssituatie, maar om, zoals Hij tot Abraham zei, je op weg te begeven naar het land dat Hij voor je bereid heeft. Dat “land’, daar gaat het om.

Paus Benedictus XVI wijst erop dat de poort openstaat en uitnodigt om stappen te zetten. Reeds van op de drempel zie je een perspectief dat voor je opengaat, een weg naar de andere kant van je leven. Het doopsel staat aan het begin van die weg, bovendien mag je van dan af God ‘Vader’ noemen. De hele brief gaat over de noodzaak van het herontdekken van die weg en van het stappen zetten.

Van geloofsleer naar geloofsbeleving.

Frans Fabry, grignion de montfort, bijbel, abraham, benedictus xvi, johannes-paulus iiGeloof kan je niet bij jezelf verwekken, iets buiten jou gaat eraan vooraf. Geloof in God wordt gewekt door het woord dat Hij tot je zegt, daarom begint elk geloof met een luisterhouding. De evangelist Johannes duidt Jezus van Nazaret als het Woord van God aan de mensen geschonken. Zo ook heeft de Heilige Montfort de Bijbel verstaan.
Dat boek was voor hem als een poort die openging. Hij heeft het Eerste en het Tweede Testament als één groot geheel ontdekt en, met de hulp van belangrijke geestelijke schrijvers, heeft hij de rode draad ervan ontdekt. Hij is onder de indruk gekomen van God die zonder ophouden naar de mensen toekomt, hen vooruit helpt en, wanneer nodig, hen opricht. Hij heeft het warm kloppend hart van God gehoord en is aan den lijve gaan ervaren hoe levensecht zijn Woord wel is, een oproep om de handen uit de mouwen te steken en met God mee te werken. Hij heeft de Bijbel ervaren als een ware liefdesbrief van God, God die zijn hand uitsteekt in de hoop dat de mens ze aanneemt.  Deze Bijbellezing bood hij aan zijn publiek aan en voegde er vooral praktische tips aan toe om de uitgestoken hand van God te leren aanvaarden. In zijn encycliek ‘De Moeder van de Verlosser’ duidde Johannes Paulus II Montfort aan als één van de groten uit de geschiedenis die de stap gezet heeft van geloofsleer naar geloofsbeleving, dit dankzij een authentieke mariale spiritualiteit. Geloven is veel meer dan een leer, het is een kwestie van leven en beleven.

02-04-13

Catechese in de school bij Maria - Catéchèse à l'école de Marie

Catechese in de school bij Maria (15)

april 2013

catechese in de school bij maria, catéchèse à l'école de marie, Montfort, Frans Fabry

Catéchèse à l'école de Marie (15)

avril 2013

26-03-13

Maria in de Goede Week.

Goede Week, Maria, Jeruzalem, Messias, Matteus, Golgota, Cenakel, Jezus, God, Johannes, Woord, Geloof, Stille Zaterdag, Frans FabryDe volledige Goede Week met als hoogtepunt paasmorgen valt dit jaar integraal in maart. In dit Jaar van het Geloof wil ik de aandacht vestigen op Maria die in die eerste Goede Week als bedevaartster in Jeruzalem aanwezig was en als gelovige ‘staande’ is gebleven.

De palmprocessie

Maria staat niet vermeld tussen de vele mensen die met palmtakken zwaaiden of zingend hun mantels uitspreidden voor Jezus, gezeten op een ezelsveulen, maar er is alle reden om te veronderstellen dat zij deel uitmaakte van de groep bedevaarders die de stad introk. Inderdaad, het paasfeest in Jeruzalem was één van de drie verplichte bedevaartfeesten voor de Joden. Omwille van de anticlimax die ging volgen en een hoogtepunt vormt in hun verkondiging, vermelden alle vier de evangelisten de intocht.  Alles draait rond de identiteit van Jezus: bij zijn aankomst wordt hij als koning en Messias bezongen, maar enkelen maken Hem duidelijk dat Hij de mensen moet inhouden. Hij reageert: “Als zij zwijgen gaan de stenen het uitroepen.”

Vastbesloten, ondanks het risico dat Hij ging lopen, had Jezus gekozen voor de weg naar Jeruzalem. Bij Lucas is het een lange tocht met tal van gebeurtenissen en onderrichtingen in steden en dorpen, hij besteedt er haast tien hoofdstukken aan. Matteus vernoemt vrouwen uit Galilea die opkwamen voor het nodige onderweg. Maria wordt nergens met naam genoemd, maar wij treffen haar aan op Golgota en later in het Cenakel en hebben alle reden om aan te nemen dat zij op die triomfdag ergens tussen het volk liep.

De anticlimax

Wij weten niet wat er toen in haar hart omging, maar ieder fijngevoelige tochtgenoot was getuige geweest Goede Week, Maria, Jeruzalem, Messias, Matteus, Golgota, Cenakel, Jezus, God, Johannes, Woord, Geloof, Stille Zaterdag, Frans Fabryvan de soms hoog oplopende conflicten omwille van de ware identiteit van Jezus en vreesde dat het mis ging lopen, zeker Maria omwille van haar betrokkenheid met Hem vanaf het allereerste begin. Vandaar mijn veronderstelling dat op die palmzondag meer ongerustheid dan gejubel in haar hart omging, een gevoelen dat in diepe pijn veranderde toen haar Jezus aan een kruis werd genageld. Haast alle vrienden waren op de vlucht. Pijn, eenzaamheid en een trachten te begrijpen gingen als een zwaard door haar hart, vragen als: “Hoe was dit in godsnaam mogelijk?” en “Wie was die grote God waarin zij geloofde?”

Kerkvaders hebben een diepe betekenis gegeven aan de manier waarop Johannes Maria op Golgota duidt: “Zij stond onder het kruis.” Terwijl het geloof van de leerlingen serieus aan het wankelen was, is zij ‘staande’ gebleven: zo kon dit niet eindigen! Meermaals had Jezus allusie gemaakt op wat Hem kon overkomen, maar telkens eraan toevoegend dat Hij zou verrijzen. Aan de woorden van Jezus heeft zij zich vastgeklampt. Zijn woorden wekten bij haar geloof.

De uitdaging van Stille Zaterdag

Goede Week, Maria, Jeruzalem, Messias, Matteus, Golgota, Cenakel, Jezus, God, Johannes, Woord, Geloof, Stille Zaterdag, Frans FabryGeloof is een reactie op een persoon of een gebeuren. Geloof in Jezus ontstaat enkel als je met zijn Woord omgaat. De vasten en vooral de Goede Week zijn een tijd van toeleg op het Woord van God en een voorbereiding op het antwoord: wie is voor jou Jezus van Nazaret? Geloof je echt dat Hij verrezen is, dat hij de poort van de dood heeft opengebroken, dat Hij een weg geopend heeft naar een totaal nieuwe werkelijkheid? Dat er ook voor jou leven na de dood is?

Wees niet beschaamd als enige aarzeling bij je opkomt, je hoeft niet sterker te zijn dan de meesten van de eerste leerlingen. Doe zoals Maria op Stille Zaterdag, doe het in vereniging met haar: herinner je alle woorden en daden van Jezus en overweeg ze in je hart. Je geloof zal groeien.

Frans Fabry 

13-10-12

God 'dienen'

Thérèse van Lisieux en Grignion de Montfort zijn beiden grote missionarissen: voor velen hebben zij een spoor getrokken naar God en doen dat nog steeds. Ofschoon heel verschillend hebben beiden belangrijke punten van overeenkomst. En wij met hen?

Frans Fabry, Grignion de Montfort, Thérèse van Lisieux, Frankrijk, God, Rome, Mijn Levensverhaal, De Ware Godsvrucht, Oktober, missiemaand

Een wereld van verschil

Toen de vijftienjarige Thérèse van Lisieux vroeg om naar het klooster te gaan was politiek Frankrijk al een tijd bezig met de Kerk en haar instituten letterlijk buiten de grenzen van het land te zetten. Het jonge meisje had zeker niet de bedoeling om zich achter kloostermuren te verbergen, zij wilde God en de Kerk maximaal dienen door van haar leven een ‘offergave’ te maken. Zonder spektakel heeft zij dat heldhaftig gedaan en is wereldwijd patrones van de missionarissen geworden. Montfort van zijn kant schrok er niet voor terug grootse dingen voor God en voor het volk te ondernemen. Omdat velen haast niets meer afwisten van God en godsdienst, trok hij van parochie naar parochie. In zijn korte priesterleven heeft hij meer dan 20 000 km te voet afgelegd, zelfs tot in Rome waar de paus hem de titel apostolisch missionaris meegaf. Een wereld van verschil tussen beiden missionarissen.

Verschillend en toch gelijk

Thérèse en Montfort, twee ‘reuzen’ op missionair gebied erg verschillend, hebben opvallende overeenkomsten. Ik haal slechts enkele voorbeelden aan. Beiden zijn te jong gestorven, Thérèse na 9 jaar kloosterleven, Montfort in zijn vijftiende jaar als priester. Vooral na hun overlijden is het levensgeheim van beiden als een lopend vuur de wereld rondgegaan dankzij hun belangrijkste geschriften, voor Thérèse Mijn Levensverhaal, voor Montfort De Ware Godsvrucht. Beiden hebben duizenden mensen op een spoor naar God gezet. Zo zie je maar, een mensenleven reikt verder dan de jaren dat men op aarde rondloopt. Beiden hebben het over ‘de weg’: Thérèse spreekt over de “kleine weg”, Montfort van een “gemakkelijke, een korte, een volmaakte en een veilige weg.” Voor beiden gaat het om een dagelijks omgaan met God – haalbaar voor iedereen. Ook dit: voor beiden was Maria op hun weg een moeder die hen ondersteunde, bemoedigde, oriënteerde.

Ook keken beiden met vertrouwen over de grens van hun overlijden heen. Thérèse deed de opvallende belofte: “Ik zal de tijd in de hemel doorbrengen met goed te doen op aarde… Ik zal een regen van rozen doen neerdalen.” Van zijn kant schrijft Montfort in een ontroerend gebed: “Ik zal niet sterven, maar leven en de wonderwerken van de Heer verkondigen.” Missionaris zijn gaat over de grenzen van de dood heen. God werkt anders dan wij gewoonlijk denken.

Missionaris zijn is vruchtbaar worden

Frans Fabry, Grignion de Montfort, Thérèse van Lisieux, Frankrijk, God, Rome, Mijn Levensverhaal, De Ware Godsvrucht, Oktober, missiemaandIeder van ons is anders, uniek en hoogst origineel, maar vanuit ons doopsel hebben wij eenzelfde levensopdracht. De parabel van de talenten wijst erop hoe verrassend God ‘denkt’ over efficiëntie en wat Hij van ons verwacht. Het belangrijkste is niet hoeveel of welke talenten we hebben, maar wel of en hoe we ze aanwenden. De vruchtbaarheid spruit voort uit de intensiteit van onze inzet. Liefde wordt met liefde beantwoord, zo treedt God tot vandaag toe de wereld in en is Hij werkzaam.

Oktober, de missiemaand, is een uitdaging om na te gaan hoe sterk we godgericht leven en te evalueren of we het volle pond geven. Niet alleen zijn we allen in staat om missionaris en vruchtbaar te zijn, het is zelfs onze fundamentele roeping als gedoopte.

30-09-12

Catechese in de school bij Maria - Catéchèse à l'école de Marie

Catechese in de school bij Maria (11)

Oktober 2012

Docu018 - WG.jpg

Catéchèse à l'école de Marie (11)

Octobre 2012 

09-09-12

Montfort in Saumur.

Tot vijfmaal toe in de zestien jaar van zijn priesterleven is Montfort op bedevaart gegaan naar Notre-Dame des Ardilliers in Saumur.  Op het altaar in de linker zijbeuk, beschermd achter een hekwerkje, bevindt zich het genadebeeld, Maria met het dode lichaam van Jezus op de schoot, een piëta. Wereldwijd is de piëta een populaire kunstuitbeelding. Montfort heeft de diepe zin ervan goed begrepen.

De piëta

Frans Fabry, Middelares en Koningin, Saumur, Notre-Dame des Ardilliers, MontfortWaarom is juist deze afbeelding zo inspirerend? Emotie speelt zeker mee, maar er is meer. Jezus had een sterke hoop gewekt tijdens zijn leven en de kunstenaars leggen Hem dood in de armen van zijn moeder. In de evangelies lezen we dat de leerlingen toen op de vlucht waren, Petrus had Hem tot driemaal toe verloochend en Judas was zich gaan verhangen. Van de apostelen was enkel Johannes nog in de buurt. Een van de laatste woorden van Jezus was juist tot hem gericht: “Zie daar je moeder.” Johannes heeft het begrepen, hij nam Maria bij zich. Men is een diepe betekenis aan die woorden gaan geven: hij is bij Maria in de leerschool gegaan en is gaan groeien als gelovige.

Wat moet er zich toen in het hart van Maria hebben afgespeeld? Diepe pijn natuurlijk, een onmachtige moeder die haar kind een verschrikkelijke dood heeft zien sterven. De manier waarop Lucas Maria typeerde, kan je doen vermoeden dat zij aan het bidden was en wel op een heel bijzondere manier. Zij die ‘alles’ in haar hart bewaarde en erover nadacht, liet tal van woorden en daden van en over Jezus door haar hoofd gaan. “Dat kan het einde niet zijn”, zo moet zij hebben gebeden, “God is sterker dan de dood”, “Hij laat je niet in de steek.”

Montfort

Daarom, zo redeneerde Montfort, als je dreigt vast te lopen, of zelfs helemaal in de put zit, roep tot Maria,Frans Fabry, Middelares en Koningin, Saumur, Notre-Dame des Ardilliers, Montfort zoek steun bij haar. Zij komt je bijstaan. Zij is een hecht anker op momenten wanneer je als een bootje door de stormen in het leven heen en weer wordt geslingerd. Op momenten dat hij het persoonlijk heel moeilijk had, is hij bij de piëta van Saumur komen verwijlen.  Een laatste keer in de lente van 1716. Tot vijfmaal toe in de zestien jaar van zijn priesterleven is Montfort op bedevaart gegaan naar Notre-Dame des Ardilliers in Saumur. Op het altaar in de linker zijbeuk, beschermd achter een hekwerkje, bevindt zich het genadebeeld, Maria met het dode lichaam van Jezus op de schoot, een piëta. Wereldwijd is de piëta een populaire kunstuitbeelding. Montfort heeft de diepe zin ervan goed begrepen.

Slechts 43 jaar oud, toch voorvoelde hij dat zijn levenseinde nabij kon zijn. Hij had zijn grote intuïties voor het nageslacht reeds neergeschreven in het boekje De Ware Godsvrucht, ook had hij een leefregel geredigeerd voor volgelingen, maar hij bleef met lege handen achter. De regel begint met een indrukwekkend gebed waarin hij een roep van de psalmist op zichzelf toepast: “Ik zal niet sterven, maar leven en getuigen van de wonderwerken van de Heer.”

Met welke woorden heeft hij zich bij de Piëta in Saumur uitgedrukt? Wij weten het niet, maar de context doet me denken aan zijn gebed tot Jezus in de Brandende Bede: “Beminnelijke Jezus,… duizend en duizend maal heb ik gedaan zoals de evangelist St-Jan en mij, en al wat mij dierbaar is, in handen van Maria gelegd, maar als ik het nog niet goed genoeg gedaan heb, dan doe ik het nu…”

Van daaruit is hij naar St-Laurent vertrokken waar hij tijdens de geplande missie bewust gestorven is. Zijn aandringend gebed was als de graankorrel in goede grond gevallen en heeft op zijn tijd toch zijn vruchten voortgebracht. Inderdaad: ongeveer vijf jaar na zijn overlijden is zijn congregatie voor mannen van de grond gekomen. In de Ware Godsvrucht had hij het geschreven: als je je helemaal aan Maria toevertrouwt, dan deelt zij je haar geloof mee, een geloof dat bergen verzet. Dankzij haar is het geloof van Montfort overeind gebleven.

21-07-12

Montfort in Poitiers.

De situatie van de plaatselijke Kerk in zijn tijd verklaart deels waar de ijver van Montfort uit voorspruit. Het priesterschap werd toen eerder beschouwd als een veilige sociale situatie, duidelijk minder dan een inzet voor de mensen en het Rijk van God. Tijdens zijn seminarieopleiding in St Sulpice is hij gaan dromen van een andere wijze van priester zijn. In een van zijn kantieken schrijft hij: “Onder ons zie je niet meer van die echte apostelen zoals men die vroeger zag schitteren. Dat komt omdat er geen vrijwillig armen meer zijn; men zoekt zich te vestigen en men wil graag, ofschoon niet al te opvallend toch wat geld om te beheren” (22,25).

Het zoeken van zijn weg.

Daags voor Pinksteren, op 5 juni 1700 wordt Montfort priester gewijd. De oversten willen hem graag op het seminarie houden voor de vorming van jongeren, maar hij voelt daar niets voor. Hij heeft andere aspiraties, verlangt direct contact te hebben met het volk en catechese te geven. Men stuurt hem naar Nantes voor een stage, maar hij komt niet goed terecht. Hij schrijft aan zijn geestelijke leidsman: “Ik wilde – en dat was trouwens ook uw bedoeling – mij gaan voorbereiden op het missiewerk en in het bijzonder op het geven van catechese aan de armen, een werk waar ik mij speciaal voor geroepen voel, maar er gebeurt niets van dat alles…”.

Ideaal tegenover werkelijkheid.

Met een groot ideaal bezield kan Montfort in Poitiers aan de slag. De bisschop vertrouwt hem het frans fabry,middelares en koningin,montfort,poiters,dochters der wijsheid,montfortanen,marie-louise trichetaalmoezenierschap in het Armenhuis toe, een instituut door Lodewijk XIV ingesteld om de armen van de straten weg te halen en ze in feite achter muren ‘op te bergen’. In Poitiers waren ze met ruim 400. Hier voelt hij zich thuis. De armen appreciëren dat hij ervoor zorgt dat de rantsoenen eerlijk worden verdeeld, maar zijn ook gevoelig voor zijn onderricht. Hij treedt tevens buiten het Armenhuis op en kent ook daar groot succes, maar juist dit valt niet in de smaak van de gesettelde clerus.
Tot overmaat van ramp vraagt een bourgeoismeisje, Marie-Louise Trichet, aan de bisschop om met en zoals Montfort in het Armenhuis mee op te komen voor de sukkelaars. De wijze van aanpak van de jonge priester strookt niet met de directie van het huis en Montfort wordt ontslagen.
Hij laat echter zijn ideaal niet in de steek en gaat in Parijs in eenzelfde instituut op dezelfde wijze aan de slag, met dezelfde gevolgen. Weer ontslagen vindt hij een onderkomen onder een trap. Brieven uit die tijd getuigen ervan met hoeveel vertrouwen en aandrang hij bidt om inzicht. Door een monseigneur opgemerkt wordt hij gevraagd om de leiding in een kartuizerabdij bij te staan. Plots krijgt hij een brief met een merkwaardige vraag: Frans Fabry, Middelares en Koningin, Montfort, Poiters, Dochters der Wijsheid, Montfortanen, Marie-Louise Trichet“Wij, armen van Poitiers, vragen dat Montfort terugkomt.” Hij keert terug in het Armenhuis en geeft daarenboven op gestructureerde wijze catechese in de armenwijken van de stad. Deze ervaring ligt aan de basis van zijn latere missiestijl: uitleg geven over het evangelie, de mensen zo leren bidden dat zij het als een weldaad ervaren, Maria betrekken bij het geloofsleven en een tastbaar middel aanreiken om het geloof levend te houden. Een schuur, omgebouwd tot een gebedsruimte met O.L.-Vrouw van de Harten als aantrekkingspool, is tot vandaag toe een heiligdom.

Omwille van de noden in de Kerk.

De mensen van deze wijken dragen hem op handen, maar de hogere clerus niet, met als gevolg dat hij uit het bisdom wordt gezet. Hij is ongetwijfeld ontgoocheld, maar geeft niet toe en doet ook niets af aan zijn wijze van priester-zijn, “omwille van de noden in de Kerk”, zoals hij reeds in 1701 schreef. Hij is bereid om tot aan de uiteinden van de wereld het evangelie te brengen, maar iets afdoen van het evangelisch ideaal wil hij niet. Hij besluit zijn visie aan niemand minder dan de paus voor te leggen, die hem opdraagt terug te keren en het evangelie te verkondigen in de lijdende Kerk van Frankrijk.
Het is niet altijd van een leien dakje gelopen.
Poitiers is voor Montfort, en ook voor Marie-Louise, de plek van de confrontatie van het ideaal met de werkelijkheid. Het heeft er meermaals gebotst, misschien juist daarom is zijn spiritualiteit levensecht geworden. Het valt op dat – in die tijd van grootste spanningen – van zijn persoon en zijn inzet ook echte aantrekking is uitgegaan. In de ogen van menigeen was God werkzaam in deze priester. Poitiers is dan ook de plek waar beide congregaties ‘geboren’ zijn, de dochters der Wijsheid en de montfortanen.

19-05-12

Samen met Maria bidden...

h.Geest 2.jpg

In deze paastijd en dichtbij Pinksteren worden wij door de liturgie uitgenodigd samen te bidden, samen te bidden met Maria.

Samen bidden om inzicht in en licht op soms duistere situaties in ons leven. Zouden wij dat niet nodig hebben? Zouden wij sterker staan in het geloof dan de leerlingen van het eerste uur? De tijd tussen Pasen en Pinksteren was voor hen een tijd van uitdaging, van aarzelend geloof in Jezus’verrijzenis. Het waren weken dat zij moesten wennen aan die nieuwe wijze van aanwezig zijn van de Heer: soms zagen zij Hem, dan weer niet, en toch was Hij er! Die ervaring, en vooral die zekerheid, is niet zomaar vanzelf gekomen.

echomontfortain.jpgAchteraf bekeken begrijpen we Jezus’bedoeling: Hij wilde hen voorbereiden op zijn teruggaan naar de Vader. Hij nam toe namelijk geen afscheid, integendeel, Hij bevestigde zijn betrokkenheid bij hen. Hij ging naar zijn Vader om blijvend te bidden. Zo werden de leerlingen voorbereid en zijn zij gaan openstaan voor de gaven van de heilige Geest.

En Maria was in de groep aanwezig. Dit was niet zonder betekenis, want als geen ander had zij ervaren dat God zijn geloften gestand doet. Bovendien, niemand had zoals zij ervaren dat de heilige Geest iets in beweging kan zetten. Midden tussen de leerlingen was zij aanwezig, volhardend in gebed.

Het woord ‘noveen’ komt van het Latijn: ‘novem’ en betekent negen en verwijst naar de negen dagen tussen Hemelvaart en Pinksteren, een tijd van het volgehouden gebed, in vereniging met Maria. 

19:25 Gepost door Montfortteam in Actualiteit | Permalink | Commentaren (0) | Tags: frans fabry, pinksteren, maria, god, jezus |  Facebook |

13-05-12

Montfort in La Rochelle.

Wij herinneren ons nog het succesvolle evangelisatiewerk van Montfort in Pontchâteau waar hij gedurende 18 maanden met het volk een grote kruisberg had opgericht maar, daags voor de inzegening in aanwezigheid van 20.000 mensen, het verbod kreeg voor de inhuldiging.
Iedereen dacht dat deze mislukking de energie van de missionaris zou breken. Achteraf bekeken stel je vast dat hij toen als missionaris nog meer gegroeid is. ‘Nooit was hij inniger met de gekruisigde Jezus verenigd’, zo noteert een ooggetuige. Mgr. de Champflour, bisschop van La Rochelle, is hem een warm hart gaan toedragen.

Het rozenkransgebed in protestants milieu

LAROCHELLE.jpgLa Rochelle was in Frankrijk een eeuw lang een bolwerk van de protestanten geweest. Toen Lodewijk XIV in 1685 de godsdienstvrijheid in het land ophief, hebben veel protestanten de stad verlaten. De blijvers moesten zich bekeren maar waren vaak schijnkatholieken. In hun hart waren velen protestant gebleven. Mgr. de Champflour was ervan overtuigd dat overdreven druk geen zin had, omdat echte bekering de vrucht is van het mensenhart dat een weg aflegt. Hij had sympathie voor Montfort en nodigde hem uit om missies te komen preken in het bisdom. In La Rochelle is het een grootse onderneming geworden: eerst een missie voor de mannen, dan een voor de vrouwen en een derde voor de soldaten, telkens periodes van drie weken. Benevens zijn trouwe helper broeder Mathurin had Montfort vier priesters rond zich weten te scharen, ondermeer zijn eigen broer, dominicaan.

De grote missie was officieel aangekondigd en velen keken uit naar conferenties en stevige debatten. Daar voelde Montfort niets voor. Hij koos voor degelijk onderricht ondersteund door gebed. Zijn averechtse aanpak, juist in een oud protestants milieu, heeft wonderen verricht. Inderdaad, juist in dat midden gebruikte hij met gezag het rozenkransgebed als uitgangspunt.
Met de drie groepen mysteries – de blijde, de droeve, de glorievolle – hernam hij het kerygma van de apostelen, de korte aanzegging namelijk van het Goede Nieuws: in Jezus Christus is God ‘afgedaald’ en mens geworden; hij heeft geleden en is gestorven; hij is verrezen en weer opgestegen naar de Vader. In zijn drie weken durende catechese volgde de uitleg.

Een neutrale getuige

stoet larochelle.jpgMet verbazing stelde men vast dat, ook in dit vroegere centrum van de Hervorming, de mensen steeds in groten getale kwamen opdagen. Eerst de mannen, daarna de vrouwen en tenslotte de soldaten. Montfort veroverde als het ware La Rochelle en omgeving op de protestanten.
Reactie kon niet uitblijven. Alleen al in deze stad is hij tot tweemaal toe aan een aanslag ontsnapt. Het hoogtepunt van zijn actie vond plaats op 16 augustus 1711 toen hij, naar aanleiding van de missie voor de vrouwen, een grootse processie door de stad organiseerde. Ingenieur Claude Masse, officier in koninklijke dienst en toevallig in La Rochelle aanwezig, heeft in het stadsarchief een voor ons kostbaar gedetailleerd getuigenis nagelaten.
Duizenden mensen namen eraan deel. Hij beschrijft de groepen, niet minder dan 25! De stad viel van de ene verbazing in de andere. Na de missie voor de dames vond die voor de soldaten plaats, met ook weer een processie: voorop ging blootsvoets een officier, de vlag met een groot kruis dragend, achter hem de soldaten, ook blootsvoets, met in de ene hand een kruis en in de andere de rozenkrans, terwijl ze de litanie van Onze-Lieve-Vrouw zongen. Het is niet toevallig dat Montfort, als hij over de rozenkrans schrijft, allusie maakt op het ‘snoer’ of de ‘ketting’ waarmee hij menig mens heeft bekeerd.

Sint Elooi

Net buiten de stad had een bemiddelde dame, Françoise Recaud, hem een tuinhuisje ter beschikking gesteld om op adem te komen, de ‘Kluis van Sint Elooi’ genaamd. Daar heeft hij het merendeel van zijn geschriften geredigeerd, ondermeer de Ware Godsvrucht, met deze getuigenis: “Juist om te zorgen dat er voortaan meer dergelijke vereerders komen, ben ik begonnen op schrift te stellen wat ik in mijn missies jarenlang, zowel publiek als privé, met vrucht heb onderwezen” (110).

07-04-12

U behoort niet aan uzelf

Frans Fabry, Jezus Christus, Pasen, verrijzenis, Montfort, MontforttochtDe verrijzenis van Jezus Christus is hét centraal punt van het christelijk geloof. Je mag gerust veronderstellen dat zonder zijn verrijzenis geen van de vier evangelisten de pen in de hand had genomen. Hun teksten zijn geschreven vanuit deze sterke gebeurtenis. Met Pasen staat Jezus centraal, maar het gaat om ons.

De prijs is betaald

Het valt op dat de grote verkondiger Paulus in zijn brieven het voortdurend heeft over de verrijzenis van Jezus en de consequenties ervan en veel minder over het leven van de Heer. Hij gebruikt soms een krachtige taal, zo bijvoorbeeld als hij zich tot de christenen van Korinte richt, dus tot gedoopten: “U weet het: uw lichaam is een tempel van de heilige Geest die in u woont, die u van God hebt ontvangen. U bent niet van uzelf. U bent gekocht en de prijs is betaald” (1 Kor 6,19-20).

De heilige Montfort voelt zich sterk aangesproken door Paulus, zoals ook hier in zijn visie op het doopsel: “U bent nu schoon gewassen; u bent geheiligd, u bent gerechtvaardigd in de naam van de Heer Jezus Christus en door de Geest van onze God” (1 Kor 6,11). Hij onderstreept dat het de Heer is die het initiatief neemt. De ouders, peter en meter spelen ongetwijfeld een rol, maar het accent ligt bij de Heer, Hij komt naar de dopeling toe, heiligt hem, bindt zich aan en verbindt zich met hem.

Een helder ja-woord

Meestal, zo was het in de tijd van Montfort, en zo is het nog heel vaak, gaat het ‘ja’ nauwelijks verder dan het engagement van de peter en meter. Eens volwassen moet de gedoopte komen tot een persoonlijk en helder ja-woord. Hiervoor is inzicht nodig, een aangepaste catechese, en dan de bewuste optie om als volwassene de doopbeloften te hernieuwen. Dit is juist wat Montfort bedoelt en waarom hij, nu 300 jaar geleden, de pen in de hand heeft genomen en belangrijke catechetische tips op papier gezet. Persoonlijk heeft Montfort zijn ja-woord diep beleefd, zo diep dat hij zelfs zijn familienaam heeft laten vallen. Hij was er zich van bewust dat hij bij zijn doop van Godswege als het ware een nieuwe identiteit had gekregen. Hij heette eigenlijk Louis Grignion, maar vanuit het bewustzijn dat hij van toen af aan God toebehoorde, heeft hij zijn familienaam vervangen door de naam van het stadje waar hij was gedoopt: Montfort.  Bovendien, om voortdurend trouw te blijven aan zijn gegeven ja-woord, heeft hij zich helemaal aan Maria toevertrouwd en dit geduid door zijn voornaam te verlengen tot Louis-Marie.

Onze Montforttocht

Frans Fabry, Jezus Christus, Pasen, verrijzenis, Montfort, MontforttochtDe aanstaande Montforttocht loopt langs Montfort-sur-Meu, natuurlijk omwille van het geboortehuis van de heilige en de stad waar hij is gedoopt, maar zeker ook om ons te bevragen over onze eigen doopselbeleving.

Pasen is meer dan de herdenking van een feit uit het verleden. Voor Montfort is Jezus de Levende, vandaag, die vraagt naar ons ja-woord in deze tijd. Hij citeert Paulus: “Wij zijn helemaal van Christus… door Hem oneindig duur gekocht ten koste van al zijn bloed.”

Diezelfde dag brengt de tocht ons naar Pontchâteau waar Montfort een reuze kruisberg heeft opgericht. Trouwens tijdens zijn evangelisatietochten richtte hij, meestal buiten de centra, goed zichtbaar een groot kruis op. Het kruis was voor hem als een roep van Jezus naar elke voorbijganger: “lieve mens, ik hou van je.” Ook al ga je niet mee op tocht, laat in de paastijd deze kreet tot je doordringen en verwoord persoonlijk je antwoord.

Voor informatie over de Montforttocht, klik hier

11-03-12

Montfort op Mont-Saint-Michel

Wat ging Montfort op de Mont-Saint-Michel zoeken?

Na eerst een halte gemaakt te hebben in Lisieux, brengt de aanstaande Montforttocht ons naar de Mont-Saint-Michel. Velen kennen deze plek als beschermd monument. Op TV hebt u misschien al gezien dat recente werken aan de berg zijn oorspronkelijke ligging in de zee hebben teruggegeven, maar vaak gaan de media eraan voorbij dat die berg ook een bijzonder bedevaartoord is. Op een kritiek moment van zijn leven is Montfort daar gaan bidden. Wat is eigen aan dit heiligdom en wat bezielde Montfort?

Bisschop Aubert

Oorspronkelijk ging het om een naakte rots in de baai waar eigenlijk een beekje, de Cuescon, uitmondt in de zee en de scheiding is gaan vormen tussen Bretagne en Normandië. We zijn in de 8ste eeuw, de tijd dat bisschop Aubert vanuit Avranches alle moeite had om een tweede evangelisatiegolf tot stand te brengen. Drie eeuwen eerder hadden invasies van de barbaren het Romeinse Rijk ten val gebracht en tegelijk het christendom als het ware weggespoeld. Vooral vanuit Ierland is de herkerstening van het vaste land tot stand gekomen, maar met moeite. De streek lag bovendien grotendeels verscholen in een dicht woud. In die context trok bisschop Aubert zich graag terug op de rots in de zee om hulp uit de hemel af te smeken.

Michaël, de strijder

Frans Fabry, Montforttocht, Mont-Saint-Michel, MontfortEr wordt verteld dat de aartsengel Michaël tot driemaal toe hem is komen bemoedigen en hem zelfs vroeg om er een kapel op te richten. Michaël is de strijder, hij wordt in de Bijbel ‘prins’ en ‘aartsengel’ genoemd, de tegenstander van Satan. Zijn naam is als een uitroep: wie durft zich opstellen tegen God! Inde loop van de geschiedenis is de kapel door een majestueuze abdij vervangen en door de Unesco tot werelderfgoed uitgeroepen.  Oorspronkelijk was de berg dus een bedevaartsoord, nu voor de meesten een toeristische trekpleister. Maar wat ging Montfort daar zoeken?

Montfort

We zijn in 1706 op een beslissend moment in zijn leven. Hij was actief in Poitiers waar de clerus, zoals toen op vele plaats in Frankrijk, massaal aanwezig was, maar meer aandacht had voor het uiterlijke van de Kerk dan voor het concreet beleven van het evangelie. Montfort van zijn kant had aandacht voor de mensen, in het bijzonder voor de randmensen in Kerk en maatschappij. Het grote succes dat hij oogstte prikkelde de invloedrijke entourage van de bisschop zodanig dat zij het klaar speelden dat de ijverige missionaris een radicaal activiteits- en spreekverbod kreeg. Montfort ging zich niet verdedigen, integendeel hij zag er een mogelijke wenk in van de Voorzienigheid. Misschien wilde de Heer aanduiden dat hij elders aan de slag zou moeten gaan, misschien zelfs in verre missielanden. Om bevestiging te krijgen nam hij het stoutmoedige besluit om de vraag aan niemand minder dan de paus voor te leggen. Clemens XI, die de situatie van de Franse kerk goed kende, gaf Montfort de opdracht om uitgerekend in Frankrijk zijn ijver te ontplooien.

Mont-Saint-Michel

Frans Fabry, Montforttocht, Mont-Saint-Michel, MontfortHij keerde naar Poitiers terug, maar kreeg meteen order om binnen de 24 uur het bisdom te verlaten. Wat kon dat betekenen:  hij was te voet naar Rome vertrokken om inzicht te krijgen, hij komt terug met een duidelijke zending van de paus en dan dit! Wat was Gods bedoeling? Om klaar te krijgen besloot hij op bedevaart te gaan naar de H. Michaël, de strijder voor God. Wij weten niet hoe lang hij op de berg is gebleven, maar het staat vast dat van toen af aan een keerpunt in zijn leven is gekome: hij is toen de onvervaarde verkondiger geworden.

Tegen die achtergrond is beslist dat de Montforttocht ook de Mont-Saint-Michel aandoet. We dragen er de zorg mee van de Kerk en van al degenen die pastoraal betrokken zijn.

Voor informatie over de Montforttocht, klik hier

18-12-11

"Toon ons Jezus"

“Toon ons Jezus”…

Dit korte gebed tot Maria lijkt mij  een uitstekend gebed voor de Advent. In de mate dat het van dag tot dag als een echo in je hart weerklinkt, komt bij jou een ware Adventssfeer tot stand: je stelt je open voor de Komende. Want Kerstmis is veel meer dan een terugdenken aan die eerste komst van Jezus in de wereld. Dagelijks is Hij de Komende, wij weten het, maar wij zijn mensen en vergeten gemakkelijk. Om onze geloofshouding te ondersteunen, nodigt de liturgie ons jaarlijks uit om vier zondagen achter elkaar uitdrukkelijk toe te leven naar een Jezusontmoeting.

Is er iets te zien in de stal?

Kerstmis is het gebeuren van God die naar ons toekomt en wij die naar Hem gaan. Je moet wel voorbereid zijn, anders is er in de stal niets bijzonders te zien. In sommige steden worden grote kerststallen opgericht, soms met een echte ezel en echte schapen. Het volk, vooral ouders met kiinderen, staat aan de schuiven om in de stal te komen. Vooral de ezel en de schapen trekken de aandacht, maar over de beelden wordt niet veel gezegd. Trouwens het zijn slechts beelden, het kerstgebeuren gaat om veel meer.

Een ‘beeld’ van God

frans fabry,advent,maria,kerstmis,jezus,godDurven wij, als wij verwijzen naar het beeld van een baby op wat stro, aan Maria vragen: “Toon ons God”? Toch zou die vraag niet gek zijn, want niemand heeft met meer realiteitszin naar Jezus gekeken, met Hem mogen en moeten omgaan. Welk godsbeeld kwam er bij haar op? Is de ‘almachtige’ God tegelijk zo kwetsbaar, zo afhankelijk? Al is de scène in de stal slechts een momentopname, ze is wel heel echt, ze is ook godsopenbaring.

“Maria, toon ons Jezus, en schenk ons vooral de achtergrond van jouw geloof. Als joodse gelovige had je grote verwachtingen. Daarom, toen de herders met enthousiasme je kwamen vertellen wat zij allemaal over het kind gehoord hadden – uw Redder… de Messias… de Heer – bewaarde je die woorden in je hart en je dacht erover na. Je hoorde ongetwijfeld ook opnieuw de woorden van de engel bij de aankondiging. Maria, help ons naar Jezus te kijken”(Benedictus XVI).

Aan de stal voorbij

Kerstmis daagt je uit tot nadenken. Het is echter niet voldoende als je bij wat gebeurde in de stal blijft stilstaan, want de godsopenbaring in de persoon van Jezus reikt verder. Dit was ook zo voor Maria. Bijvoorbeeld, toen de twaalfjarige Jezus in de tempel achterbleef en zij haar ongerustheid uitdrukte: “Kind, hoe kon je ons dit aandoen?”, kreeg zij een antwoord waarvan de evangelist duidelijk zegt dat zij het niet begreep. Slechts na de Verrijzenis en na Pinksteren zou zij een totaalbeeld van Jezus krijgen. Stap voor stap is Maria tot een volledig geloofsinzicht gekomen, omdat zij al de woorden en het leven van Jezus in haar hart bewaarde en overwoog. Kerstmis is een momentopname – het gaat echter om meer.

Tracht tijdens de advent ruimte in je hart te maken voor alles wat de liturgie je over Jezus aanreikt, in het Oude en het Nieuwe Testament en vraag Maria dat ze je helpt daarover na te denken.

16:06 Gepost door Montfortteam in Actualiteit | Permalink | Commentaren (0) | Tags: frans fabry, advent, maria, kerstmis, jezus, god |  Facebook |

19-11-11

Een eigenaardig koningschap.

Ook in deze tijd

Sommigen vragen zich af of de tijd van koningen en koninginnen voorbij is, of minsten voorbij zou moeten zijn. Echter, meer dan ooit worden vedetten soms letterlijk de lucht in gegooid, met gouden, zilveren of bronzen medailles vereerd en zelfs letterljk een kroon op het hoofd gezet. Het volk, of minstens de media, hebben bljkbaar nood aan verering, aan verheffing, aan idolen. En dit is niet enkel iets van deze tijd. Elke tijd en elke beschaving heeft zijn leiders, zijn koningen gekend. Zij hadden verantwoordelijkheid en macht. Sommigen ontplooiden zich als kostbare hulp voor het volk, anderen waren profiteurs.

God en zijn volk

Een gemeenschap kan er niet zonder: er moet een leider zijn. Toen God zich aan Mozes kenbaar maakte om een volk samen te brengen, zei Hij: “Ik Ben”. Met die eigenaardige uitdrukking maakte Hij bekend dat Hij anders is, niet zoals de andere goden, maaksels van mensenhanden. Met die naam wees Hij op een duidelijke afstand. Vandaar een reële angst bij het eerste Godsvolk voor die Ongrijpbare, maar tegelijk een bevraging: waarom richt die totaal Andere zich tot ons? Wat wil Hij?

God en de mens, twee totaal verschillende denk- en leefwerelden. Toch zijn ze naar elkaar blijven roepen. In het begin in een haast onverstaanbare taal, woorden en gebaren die zoeken naar kennismaking en vriendschap zoals in “De kleine Prins” van St Exupéry. Met soms paradoxale beelden maakte God duidelijk dat Hij naar de mensen zou komen. In de visioenen van Daniël komt Hij uit de wolken, symbool voor de verre wereld van God, maar bij Zacharias rijdt hij op een ezeltje: “Zie, uw koning komt naar u toe, hij is rechtvaardig en zegevierend; hij is nederig, hij rijdt op een ezel…  Hij kondigt vrede aan…” (Zach 9,9-10).

Frans Fabry, God, Mozes, Zacharias, Lucas, David, St. Exupéry, Maria, Paulus, Filippenzen, GolgothaWoorden schieten te kort

Als Hij feitelijk komt, slaat Hij iedereen met verbazing. Herders op het veld horen de boodschap: “Vandaag is in de stad van David uw Redder geboren; Hij is de Messias, de Heer” (Lucas2,11). Het teken echter waaraan ze Hem zullen herkennen, steekt schril af tegen de grootsheid van God: een kind, in doeken gewikkeld in een voerbak. “Allen die het hoorden stonden verbaasd over wat hun door de herders gezegd werd”. Lucas voegt eraan toe: “Maria echter bewaarde dit alles in haar hart en dacht erover na” (Lucas 2,18). Stof genoeg tot nadenken. Het gaat om het onuitsprekelijke. Je moet namelijk leren omgaan met paradoxen en er een lijn in zoeken.

Als Paulus in zijn brief aan de Filippenzen de bezegeling van het verbond van God met zijn volk op Golgotha beschrijft, laat hij aanvoelen hoe woorden tekort schieten om God te duiden zoals Hij zich getoond heeft. Een marteltuig (het kruis) wordt haast een koningskroon, de dood en vernedering moet plaatsmaken voor verheerlijking en verheffing, de dienaar en slaaf wordt Redder, Bevrijder, Koning.

Een kroon

Op Golgotha hing boven het hoofd van de Gekruisigde het uitdagende plaatje met het opschrift “koning”. De leerlingen waren van deze koning weggelopen. Maria echter was aanwezig. Ook daar bewaarde zij alles in haar hart en dacht over al het gebeuren na. “Geen groter liefde kan iemand hebben dan deze, dat hij zijn leven geeft voor zijn vrienden”. Het gefolterde lichaam aan een kruis is een ware uitdaging, maar om het verstand te ondersteunen veranderen sommige kunstenaars de doornenkroon in een koningskroon.

23-10-11

Geloof wordt gewekt.

GELOOF WORDT GEWEKT

Leven zonder te kunnen geloven is haast een hel, je geluk staat of valt ermee. Stel je voor dat je niemand in je onmiddellijke omgeving nog kunt geloven. Moest je dat overkomen, dan ben je akelig eenzaam. Het kan tot zware depressies leiden…

En toch is het zo: in onze samenleving worden velen bedreigd door eenzaamheid. Meerderen hebben haast niemand meer die hen aanspreekt of aandacht schenkt. Ze hebben geen relatie meer, geen brug meer naar een ander toe. Alleen zijn is heel erg, niemand hebben in wie je gelooft.

Als dan toch iemand over de vloer komt, kan de situatie kantelen. Het kan een opluchting worden, soms enkel een gelegenheid om je miserie uit te storten, maar ook dat is belangrijk. Als het meermaals gebeurt dat iemand langs komt, en vooral als het dezelfde persoon is, dan wordt weer een brug geslagen, dan wordt vertrouwen gewekt. Dan komt een relatie tot stand. Dan kan geloof gaan groeien.

Geloof groeit of verdwijnt

Zo kom ik tot mijn onderwerp: geloof groeit of verdwijnt in de mate dat je, al dan niet, iemand hebt met wie je kunt omgaan. Hetzelfde voor je geloof in God: het groeit of het verdwijnt in de mate dat je met Hem omgaat. Meteen volgt de vraag: hoe kan je in deze tijd met God omgaan? Kun je Hem ontmoeten?

Om Hem te ontmoeten moeten stappen worden gezet, jij naar Hem en Hij naar jou. Begin met je te herinneren dat Hij de eerste stap heeft gezet: in Jezus Christus is Hij concreet naar de mensen gekomen, ook naar jou. Nu is het aan jou om een stap te zetten, om naar Hem te luisteren en zo te ontdekken wie Hij is en waarom Hij die eerste stap heeft gezet.

Frans Fabry, rozenkransgebed, Montfort, paternoster, GodDe paternoster

Die stap zetten lijkt moeilijk, maar het kan eenvoudig.  Generaties hebben het voorgeleefd. Reeds door de paternoster, die kleine ketting met gegroepeerde kralen, is in het verleden een niet te onderschatten instrument voor Godsontmoeting geweest en is het nog. Vooreerst, door de paternoster in de hand te nemen toon je de Heer dat je een stap zet. Dan, er zijn meerdere methodes om hem te bidden, maar de beste is die waarmee je de grote levensfasen van Jezus doorloopt, erbij blijft stilstaan en luistert naar zijn boodschap. Zo wordt dit gebed een methode om Hem te ontmoeten. Zoals gezegd, ontmoeting wekt geloof, vandaar de ervaring bij velen dat de rozenkrans – goed gebeden – het geloof voedt en ondersteunt. Door met Hem om te gaan, wekt Jezus geloof.

Het rozenkransgebed is geen snel aframmelen van weesgegroeten. Het vraagt discipline, bovendien: oefening baart kunst. De heilige Montfort hanteerde meerdere methodes om de rozenkrans te bidden en getuigt van de weldaad die hij zelf ervaren heeft. In zijn geschriften onderstreept hij herhaaldelijk de voorwaarde: “als hij goed wordt gebeden.” In een van zijn vele liederen omschrijft hij de weldaad: “Als je hem goed bidt, dan wordt je verrijkt en wijs, ook al lees je geen boeken. Hij geeft je inzicht, hij spoort je aan tot daden, hij versterkt je en hij geneest…” (L 89).

Goed gebeden is het rozenkransgebed een omgaan met Jezus, en dit samen met Maria. Dit is niet onbelangrijk: zij heeft de woorden en daden van Jezus in haar hart bewaard en ze laten rijpen. Zij vergezelt je op de wegen die Jezus heeft doorlopen. Zo wordt het rozenkransgebed als een pelgrimstocht door het Heilig Land en – zoals in de evangelies – wekt Jezus bij de ‘toehoorder’ die je bent, geloof en zelfs meer, Hij doet een ander mens in je ontstaan.

15:47 Gepost door Montfortteam in Actualiteit | Permalink | Commentaren (0) | Tags: frans fabry, rozenkransgebed, montfort, paternoster, god |  Facebook |

03-07-11

Met Montfort in de school van Maria

Catechese - met Grignion de Montfort in de school van Maria

“Ik voorzie het wel: razende dieren komen woedend aanstormen om met hun duivelse tanden dit bescheiden boekje en hem van wie de heilige Geest zich bediend heeft om het te schrijven, te verscheuren; of het tenminste in de donkere stilte van een kist te verstoppen om het onbekend te laten blijven” heilige Montfort.

Verdwenen en verscheurd

Frans Fabry, Montfort, Johannes Paulus II, Maria, De Ware Godsvrucht, Montfortanen, st -laurent-sur-sevreHet is een merkwaardig boekje - en wel om heel verscheidene redenen. Algemeen wordt aangenomen dat Louis-Marie Grignion de Montfort het in 1712 haast in één ruk heeft geschreven, het is echter een feit dat het handschrift slechts 130 jaar later aan het licht is gekomen. Haast onmiddellijk, in 1843, is het gedrukt en ongelooflijk snel en in de meest diverse talen wereldwijd verspreid. De lezer komt onder de indruk als hij midden in het handschrift stoot op het hierboven aangehaalde citaat. Hoe kon de auteur voorzien dat de bundel bladen – want het was geen ingebonden boekje –, naar aanleiding van de Franse Revolutie in een koffer zou verdwijnen en, een halve eeuw later, ‘verscheurd’ aan het licht zou komen? Verscheurd, inderdaad, specialisten tellen dat ongeveer 90 pagina’s, deels vooraan, deels achteraan, verdwenen zijn. Toch vormen de overgebleven bladzijden een mooi geheel dat velen heeft aangegrepen, tot vandaag toe. Blijkbaar is het geschrift op het juiste moment voor de dag gekomen. Deze historische achtergrond vormt een verhaal apart en wordt duidelijker als je de grote lijnen van het geschrift hebt ontdekt.

De titel

De eerste bladzijden van de bundel zijn dus verdwenen en bijgevolg is het opschrift dat Montfort aan het geschrift heeft gegeven niet te achterhalen. De eerste uitgave is van een lange titel voorzien, en in de meeste uitgaven gehandhaafd: Verhandeling van de Ware Godsvrucht tot de Heilige Maagd. Opvallend ook: het was niet de overste van de montfortanen die het initiatief voor de uitgave genomen heeft, maar de bisschop van Luçon – omdat het boekje in St-Laurent-sur-Sèvre (in zijn bisdom) is ontdekt.

Drie begrippen in de titel vallen op, vooreerst het woord verhandeling: de uitgever wilde nderstrepen dat het geen gewoon devotieboekje is, maar een stevig theologisch gefundeerde devotie. Vervolgens doen de woorden ware godsvrucht de aandacht spitsen: zij verwijzen naar ‘onechte’ devoties waar de schrijver het trouwens ook over heeft. De uitdrukking ‘tot de Heilige Maagd’ verwijst naar de bijzondere kwaliteiten die Maria kenmerken. De titel paste ongetwijfeld in de tijdgeest, namelijk de Verlichting, en is tot vandaag toe meestal behouden.

Frans Fabry, Montfort, Johannes Paulus II, Maria, De Ware Godsvrucht, Montfortanen, st -laurent-sur-sevreVelen denken dat bij Montfort alles over Maria gaat en dat zij in het centrum van de belangstelling staat, terwijl in feite Jezus Christus zijn denken overheerst. Daarom hebben meer recente uitgaven het werkje van een ondertitel voorzien, rechtstreeks verwijzend naar een passage van Montfort: “…Ik heb hierover gesproken in het eerste deel van deze voorbereiding op het Rijk van Jezus Christus” (227). Hier treffen we misschien de titel aan die de schrijver voorzien had. Hoe dan ook, Voorbereiding op het Rijk van Jezus Christus geeft heel goed weer wat Montfort uiteindelijk bedoelt: hoe meewerken aan de voltooiing van wat Jezus heeft aangezet. Hij reikt hiervoor een methode aan die weinig bekend is.

Begrijpen en smaken

Montfort zelf spreekt meermaals over een ‘geheim’, niet in de zin van iets geheimzinnigs, maar in de betekenis van onbekend. In de aanzet van een magnifieke brief schrijft hij: “…ik deel je een geheim mee…” Maar hij waarschuwt de lezer en drukt erop dat het een gunst is, een speciale genade, om dit geheim “te begrijpen en te smaken.” Let op de twee betekenisvolle ‘werkwaarden’ die bij hem nauw verbonden zijn: het inzicht komt mee door gebedsdiscipline die men zich oplegt. Deze brengt je stap voor stap tot de grote ontmoeting met de Levende – en stilaan begin je te ervaren, te smaken.

Montfort is een ervaren catechist. “Ik heb begrepen” zo getuigt Johannes Paulus II, nadat hij op zijn beurt het boekje herhaaldelijk had gelezen en is gaan doen wat de auteur aanraadt. Toen is een keerpunt in zijn leven tot stand gekomen.

“Durf het aan je helemaal aan Maria toe te vertrouwen”, zo daagt Montfort je uit, er zal iets gebeuren. Je wordt een vrije en volwassen christen. Slechts weinigen kennen en gaan die weg. Ik hoop dat jij dat bent, zo voegt hij eraan toe.

Van nu af aan zal ik, aan de hand van het fameuze boekje – De Ware Godsvrucht – telkens een inleiding meegeven om je te helpen ontdekken wat Montfort aanreikt.

F.F.

 

21-05-11

Totus Tuus

 

frans fabry,totus tuus,chestochowa,frossard,maria,montfort,johannes-paulus ii 

Deze post is een vervolg op de vorige. Voor wie aansluiting wil vinden bij dit deel wordt aangeraden eerst de vorige post te lezen die je vindt als je wat verder scrolt. 

Totus Tuus

Toen het Frossard voor het eerst gegund werd door te dringen tot in de privékapel, kwam hij sterk onder de indruk van de houding en de concentratie van de paus op zijn bidstoel voor het altaar. “Hij bidt, ik zou haast zeggen, zoals hij ademt.” Elders beschrijft hij de kapel: “Er hangt een heel hoog kruisbeeld boven het altaar. Onder één van de armen ervan bevindt zich, als het ware op de plek van het hart van de ‘stabat mater’ (Maria staande onder het kruis – red.), een kleine icoon van de madonna van Chestochowa.” Hetzelfde vind je symbolisch terug in zijn bisschopswapen dat hij als paus behouden heeft: een groot kruis met in het blauw de letter M van Maria, en beneden de woorden Totus Tuus. In zijn brief van 2003 aan de montfortaanse congregaties geeft hij er uitleg bij: “Heel haar geschiedenis lang heeft het godsvolk ervaring gehad van die gave van Jezus op het kruis: de gave van zijn moeder. De heilige Maagd is werkelijk onze moeder. Zij begeleidt ons op onze pelgrimstocht van geloof, hoop en liefde naar een steeds inniger eenheid met Christus, onze enige redder en heilsbemiddelaar.”

“Het is bekend dat mijn bisschopswapen een symbolische weergave is van de passage in het Johannesevangelie en dat de spreuk ‘Totus tuus’ geïnspireerd is op de leer van Montfort. De twee woorden zijn uitdrukking van een totaal toebehoren aan Jezus door Maria…”. En hij herhaalt: “De leer van Montfort heeft een diepe invloed gehad op de Mariaverering van veel gelovigen, en ook op mijn eigen leven. Het gaat om een doorleefde leer…”

Zijn doorleefde band met Maria heeft hem gebracht tot een intieme vereniging met Christus. Dit belijdt de Kerk met de titel die ze hem op 1 mei toebedeelt heeft.

Een boodschap

Met een zalig- of heiligverklaring wil de officiële Kerk de aandacht vestigen op aspecten van de boodschap die van de betrokken persoon uitgaat. In zijn brief van 2003 aan de montfortaanse familie verwoordt hij er zelf één van: “Na Montfort heeft de mariale theologie zich flink ontwikkeld, wat vooral is te danken aan de beslissende visie van Vaticanum II. Montforts leer moet vandaag dan ook opnieuw worden gelezen en uitgelegd in het licht van het concilie, maar fundamenteel verandert dat niets aan de waarde ervan.”

Hij hield van dat ‘boekje’ omwille van de wijsheid die erin verborgen zit en de rol die het in zijn leven heeft gespeeld. Na zijn pauskeuze, toen men hem vroeg wat allemaal uit Krakau naar Rome moest worden overgebracht, antwoordde hij: “Niets, alleen dat boekje.” Na zijn overlijden heeft men het teruggevonden op zijn nachtkastje.

Algemeen wordt aangenomen dat Montfort dit boekje – dat een wereldbestseller is geworden – in 1712 heeft geschreven – volgend jaar dus net drie eeuwen geleden. De getuigenis van de nu zalige Johannes Paulus II en het aanstaande eeuwfeest van de Ware Godsvrucht, lijken me een geschikte aanleiding om maandelijks in ons tijdschrift 'Middelares en Koningin' aspecten van dit geschrift te brengen.

F.F.

14-05-11

De Z. Johannes Paulus II en de H. Montfort (2)

Deze post is een vervolg op de vorige. Voor wie aansluiting wil vinden bij dit deel wordt aangeraden eerst de vorige post te lezen die je vindt als je wat verder scrolt. 

“Ik heb begrepen”

Het ging om een onverwacht inzicht, een nieuwe kijk op het handelen van God. Zoals meer intellectuelen had ook hij eerder het gevoelen dat de Mariadevotie de aandacht van Christus afdreef: “Terwijl ik mij vroeger wat inhield, uit vrees dat de Mariadevotie Christus zou verbergen in plaats van Hem voorrang te geven, heb ik in het licht van de verhandeling van Grignion de Montfort begrepen dat het juist andersom was… Maria brengt je tot Christus.” Grignion de Montfort leidt je binnen in het handelen van God. Zoals de heilige het zelf zegt: “Het gaat om de fundamenten van het christendom” (WG 163).

In een speciale audiëntie die ik als montfortaan eens heb mogen meemaken, formuleerde hij het scherp: “Door Maria tot Jezus, zo zegt men terecht, maar vergeet niet dat het gebeuren op Golgota eraan voorafging: Jezus gaf Maria de opdracht moeder voor deleerling te zijn. Vandaar ook dat je terecht kan zeggen: door Jezus tot Maria. De Mariaverering van Montfort spruit niet voort uit vroomheid van een devoot iemand, maar uit het begrijpen van de opdracht die Maria van Jezus kreeg – zij moest moeder zijn – en van de vraag aan de leerling om haar als moeder te aanvaarden. Hier ligt het diepe fundament van de Mariaverering bij Montfort.”

Bij Frossard: “Hoe meer mijn innerlijk leven geheel en al gericht werd op de werkelijkheid van de verlossing, des te meer leek de overgave aan Maria in de geest van de heilige Louis-Marie de Montfort het beste middel om met vrucht een werkdadig deel te hebben aan die werkelijkheid, om er de onuitsprekelijke rijkdommen van te putten en die met anderen te delen.” Johannes Paulus II herhaalt hier op zijn manier wat Montfort letterlijk zegt: “Deze devotie is voor ons enkel noodzakelijk om tenvolle Jezus Christus te vinden, Hem innig lief te hebben en trouw te dienen” (WG 62).

Godsdienstigheid

montfort,johannes paulus ii,god,mariadevotie,ware godsvrucht,maria,frossard,frans fabry“Mijn aldus gevormde Mariadevotie – ik geef er nu maar een kort overzicht van – is sindsdien blijven voortleven bij me. Zij maakt een integrerend deel uit van mijn godsdienstig leven en mijn geestelijke Godskennis.” Aansluitend haalt hij het woord ‘slavernij’ aan, dat – zo zegt hij – menig tijdgenoot tegen de borst stuit. Terwijl Montfort zelf op eenvoudiger wijze uitleg geeft aan deze woordkeuze (lees WG 68-77), gaat Johannes Paulus II een eerder filosofische toer op: “Ik voor mij zie er geen enkele moeilijkheid in. Ik denk dat het hier om een soort tegenstelling gaat, zoals men er vaak in de evangelies aantreft, waarbij de woorden heilige slavernij betekenen dat wij onze vrijheid – de grootste gave die God ons geschonken heeft – veel meer zouden moeten kunnen uitbuiten. Want vrijheid wordt afgemeten naar de mate van de liefde waartoe wij in staat zijn. Dat heeft de auteur ons, denk ik, willen tonen.” 

Het gaat om een intreden in het handelen van God en om een diensthouding, een dienst bewijzen aan de Heer, en zo een dienst aan je medemensen. De paus: “De waarachtige kennis van Maria en de vertrouwvolle overgave in haar handen groeit mee met onze kennis van Christus en met onze vertrouwvolle overgave aan zijn persoon. Wat meer is: deze volmaakte godsvrucht is onontbeerlijk voor wie zich onvoorwaardelijk aan Christus en het verlossingswerk wil geven.” Montfort leert je intreden in het handelen van God, doet je geloof groeien en vruchtbaar maken. “De overgave aan Maria in de geest van Montfort, lijkt het beste middel te zijn om met vrucht en werkdadig deel te hebben aan die werkelijkheid, om er de onuitsprekelijke rijkdommen van te putten en ze met anderen te delen.” 

F.F.

11-05-11

De zalige Johannes Paulus II en de H. Montfort

DE ‘ZALIGE’ JOHANNES PAULUS II EN DE HEILIGE MONTFORT

Nu hij zalig werd verklaard, zal over Karol Woityla, paus Johannes Paulus II, zeker worden geschreven. Men zal het hebben over zijn levensloop, zijn reizen, zijn geschriften enzovoort, maar misschien minder over zijn innerlijke drijfkracht. Hoe dan ook, het is goed dat de lezers van Middelares en Koningin eraan worden herinnerd dat er – omwille van Montfort – een zekere band bestaat tussen deze paus en hem. Inderdaad, Montfort heeft een zeer belangrijke rol gespeeld in zijn leven.

Naar aanleiding van zijn pastoraal bezoek aan Frankrijk in 1996, heeft hij een extra bedevaart ingelast om dankbaar bij het graf van zijn geestelijke leidsman in St Laurent-sur-Sèvre neer te knielen. In datzelfde jaar schrijft hij een speciale brief aan de montfortaanse familie waarin hij met nadruk vraagt om de nalatenschap van Montfort niet verloren te laten gaan. Als hij een jaar later in zijn mariale encycliek “De moeder van de Verlosser” Maria duidt in het leven van de Kerk, citeert hij Montfort als: “…een meester in de spiritualiteit die aan de gelovigen de toewijding aan Christus, door de handen van Maria, als doeltreffend middel voorhield om getrouw te leven aan de beloften van het doopsel.” In 2003, naar aanleiding van de 160ste verjaardag van het terugvinden van De Ware Godsvrucht – het beroemd geworden geschrift van Montfort – schrijft hij weer een brief en herinnert eraan hoe het laatste concilie een belangrijke ondersteuning is van de spiritualiteit die erin ligt vervat.

Een ‘keerpunt’

Johannes Paulus II, Montfort, Karol Woityla, St. Laurent-sur-Sèvre, Maria, ChristusDe beslistheid waarmee Johannes Paulus II verwijst naar Montfort valt op. Meermaals heeft hij ervan getuigd, het meest uitdrukkelijk in het boek van journalist André Frossard: “Wees niet bang”, tot stand gekomen naar aanleiding van privégesprekken die hij met de paus heeft mogen voeren. Johannes Paulus II vertelt over zijn studietijd in het eerst door Duitsers en daarna door Russen bezette Polen. Hij was 21, werkte in een molensteengroeve in de buurt van Krakow en heeft vier jaar in het arbeidersmilieu doorgebracht. Tegelijk volgde hij filosofiestudies aan de universiteit, maar zijn voorliefde ging uit naar letteren en toneel. In de sfeer van de terreur en de bezetting heeft hij zijn levenskeuze gemaakt. “Ik zag duidelijk wat ik moest achterlaten en waar ik naartoe moest ‘zonder om te zien’. Ik zou priester worden.”

De priesteropleiding moest in het geheim gebeuren. Hij herinnert zich nog goed hoe hij als arbeider tot in de natriumfabriek het ‘boekje’ van Montfort bij zich droeg, en zelfs dat de mooie kaft vol kalkvlekken was geraakt. Het boekje is hem dierbaar gebleven tot het einde van zijn leven. Hij vertelt: “Het lezen ervan heeft een beslissend keerpunt in mijn leven betekend. Ik zeg keerpunt, hoewel het een lange en innerlijke weg is geweest die samenviel met mijn clandestiene opleiding tot het priesterschap. Want het was toen dat ik ze in handen heb gekregen, die opmerkelijke verhandeling, een van die boeken waarvan het niet genoeg is: “ze gelezen te hebben”… Ik kwam onophoudelijk op bepaalde passages terug.”

F.F.

08-05-11

Veel meer dan een Mariaverering

Montfort is terecht bekend als de heilige met een bijzondere verering van Maria. In zijn voorwoord bij de laatste uitgave van de Ware Godsvrucht merkt kardinaal Danneels terecht op dat:“Sommigen misschien de indruk hebben dat Montfort de persoon van Maria in het centrum van de belangstelling wil plaatsen, maar bij nader toezien ontdek je hoe Jezus Christus zijn denken overheerst.”

Juist om die reden heeft Johannes Paulus II, die op 1 mei zalig werd verklaard, een bijzondere eerbied voor Montfort: het lezen van De Verhandeling – zo noemt hij het boekje van de heilige – heeft niet minder dan een keerpunt in zijn leven teweeggebracht.

Wie is er zich van bewust?

Het gaat Montfort om Jezus Christus en om de band tussen de gedoopte en Christus. Het boekje – waar de paus het over heeft – is geen verhandeling in de technische betekenis van het woord, het is eerder een pleidooi, in één ruk geschreven. Montfort was diep aangegrepen door de vaststelling dat zo weinig christenen weten waarover het eigenlijk gaat. Ik citeer: “Maar zelden treft men tegenwoordig zo iemand aan! Juist om te zorgen dat er voortaan meer dergelijke vereerders komen, ben ik begonnen op schrift te stellen wat ik in mijn missies jarenlang, zowel publiek als privé, met vrucht heb onderwezen” (110).

Wij horen tijdens de consecratie de woorden: “…het nieuw en eeuwig verbond…”, maar zijn wij er ons bewust van dat het om een kerngegeven van het christelijk geloof gaat: God biedt een verbond aan, en de christen beaamt met zijn doopsel dit aanbod. Echter, wie is er zich van bewust dat hij als christen een verbondsmens is, en dat het doopsel een krachtdadig ja veronderstelt?

Bij het doopsel spreek je door de mond van peter en meter, handel je door gevolmachtigden; wel wordt verondersteld dat je dit later, persoonlijk en met kennis van zaken, bevestigt. Maar zelden treft men tegenwoordig zo iemand aan, zo klaagt Montfort. Hoe kan God zijn plan verder uitvoeren als er geen bewuste verbondsmensen zijn?

Een spiritualiteit voor doopselbeleving

Waar gaat het om, wat is ‘ware godsvrucht’? Montfort gaat naar de kern van het christelijk geloof: zij bestaat in een volmaakte hernieuwing van de belofte van je doopsel, en dit door de handen van Maria. Hij spoort je dus aan om Maria te betrekken bij je doopbeloften. Is dat dan zo belangrijk? Ongetwijfeld, zo zegt hij. Er is haar persoon: nooit is zij op haar ja-woord in Nazaret teruggekomen. En er is haar opdracht: toen het geloof van de leerlingen aan het wankelen was, kreeg zij op Golgota de opdracht om ‘moeder’ te zijn, en aan de aanwezige leerling vroeg Hij om haar als zodanig te aanvaarden. Voor een volwassen mens lijkt het misschien belachelijk om zich als kind te gedragen. Maar ga eens eerlijk na, ben je echt volwassen als gelovige?

frans fabry,montfort,johannes paulus ii,ware godsvruchtEr is een duidelijk verschil tussen kinderachtig en kinderlijk. Betrek Maria bij je doen en laten en je zal zien, zo zegt Montfort, dat zij je als het ware bij de hand neemt en je helpt groot worden. Volwassen gelovige worden, dat is de roeping van elke gedoopte. De godsvrucht die Montfort voorstelt, voegt een ware spiritualiteit toe aan de leer over het doopsel. Ook Johannes Paulus II getuigt ervan hoe echt dit is. Het boekje van Montfort is voor hem als een openbaring geweest. Volgens getuigen lag het steeds in zijn handbereik. 

F.F.