09-09-12

Montfort in Saumur.

Tot vijfmaal toe in de zestien jaar van zijn priesterleven is Montfort op bedevaart gegaan naar Notre-Dame des Ardilliers in Saumur.  Op het altaar in de linker zijbeuk, beschermd achter een hekwerkje, bevindt zich het genadebeeld, Maria met het dode lichaam van Jezus op de schoot, een piëta. Wereldwijd is de piëta een populaire kunstuitbeelding. Montfort heeft de diepe zin ervan goed begrepen.

De piëta

Frans Fabry, Middelares en Koningin, Saumur, Notre-Dame des Ardilliers, MontfortWaarom is juist deze afbeelding zo inspirerend? Emotie speelt zeker mee, maar er is meer. Jezus had een sterke hoop gewekt tijdens zijn leven en de kunstenaars leggen Hem dood in de armen van zijn moeder. In de evangelies lezen we dat de leerlingen toen op de vlucht waren, Petrus had Hem tot driemaal toe verloochend en Judas was zich gaan verhangen. Van de apostelen was enkel Johannes nog in de buurt. Een van de laatste woorden van Jezus was juist tot hem gericht: “Zie daar je moeder.” Johannes heeft het begrepen, hij nam Maria bij zich. Men is een diepe betekenis aan die woorden gaan geven: hij is bij Maria in de leerschool gegaan en is gaan groeien als gelovige.

Wat moet er zich toen in het hart van Maria hebben afgespeeld? Diepe pijn natuurlijk, een onmachtige moeder die haar kind een verschrikkelijke dood heeft zien sterven. De manier waarop Lucas Maria typeerde, kan je doen vermoeden dat zij aan het bidden was en wel op een heel bijzondere manier. Zij die ‘alles’ in haar hart bewaarde en erover nadacht, liet tal van woorden en daden van en over Jezus door haar hoofd gaan. “Dat kan het einde niet zijn”, zo moet zij hebben gebeden, “God is sterker dan de dood”, “Hij laat je niet in de steek.”

Montfort

Daarom, zo redeneerde Montfort, als je dreigt vast te lopen, of zelfs helemaal in de put zit, roep tot Maria,Frans Fabry, Middelares en Koningin, Saumur, Notre-Dame des Ardilliers, Montfort zoek steun bij haar. Zij komt je bijstaan. Zij is een hecht anker op momenten wanneer je als een bootje door de stormen in het leven heen en weer wordt geslingerd. Op momenten dat hij het persoonlijk heel moeilijk had, is hij bij de piëta van Saumur komen verwijlen.  Een laatste keer in de lente van 1716. Tot vijfmaal toe in de zestien jaar van zijn priesterleven is Montfort op bedevaart gegaan naar Notre-Dame des Ardilliers in Saumur. Op het altaar in de linker zijbeuk, beschermd achter een hekwerkje, bevindt zich het genadebeeld, Maria met het dode lichaam van Jezus op de schoot, een piëta. Wereldwijd is de piëta een populaire kunstuitbeelding. Montfort heeft de diepe zin ervan goed begrepen.

Slechts 43 jaar oud, toch voorvoelde hij dat zijn levenseinde nabij kon zijn. Hij had zijn grote intuïties voor het nageslacht reeds neergeschreven in het boekje De Ware Godsvrucht, ook had hij een leefregel geredigeerd voor volgelingen, maar hij bleef met lege handen achter. De regel begint met een indrukwekkend gebed waarin hij een roep van de psalmist op zichzelf toepast: “Ik zal niet sterven, maar leven en getuigen van de wonderwerken van de Heer.”

Met welke woorden heeft hij zich bij de Piëta in Saumur uitgedrukt? Wij weten het niet, maar de context doet me denken aan zijn gebed tot Jezus in de Brandende Bede: “Beminnelijke Jezus,… duizend en duizend maal heb ik gedaan zoals de evangelist St-Jan en mij, en al wat mij dierbaar is, in handen van Maria gelegd, maar als ik het nog niet goed genoeg gedaan heb, dan doe ik het nu…”

Van daaruit is hij naar St-Laurent vertrokken waar hij tijdens de geplande missie bewust gestorven is. Zijn aandringend gebed was als de graankorrel in goede grond gevallen en heeft op zijn tijd toch zijn vruchten voortgebracht. Inderdaad: ongeveer vijf jaar na zijn overlijden is zijn congregatie voor mannen van de grond gekomen. In de Ware Godsvrucht had hij het geschreven: als je je helemaal aan Maria toevertrouwt, dan deelt zij je haar geloof mee, een geloof dat bergen verzet. Dankzij haar is het geloof van Montfort overeind gebleven.

21-07-12

Montfort in Poitiers.

De situatie van de plaatselijke Kerk in zijn tijd verklaart deels waar de ijver van Montfort uit voorspruit. Het priesterschap werd toen eerder beschouwd als een veilige sociale situatie, duidelijk minder dan een inzet voor de mensen en het Rijk van God. Tijdens zijn seminarieopleiding in St Sulpice is hij gaan dromen van een andere wijze van priester zijn. In een van zijn kantieken schrijft hij: “Onder ons zie je niet meer van die echte apostelen zoals men die vroeger zag schitteren. Dat komt omdat er geen vrijwillig armen meer zijn; men zoekt zich te vestigen en men wil graag, ofschoon niet al te opvallend toch wat geld om te beheren” (22,25).

Het zoeken van zijn weg.

Daags voor Pinksteren, op 5 juni 1700 wordt Montfort priester gewijd. De oversten willen hem graag op het seminarie houden voor de vorming van jongeren, maar hij voelt daar niets voor. Hij heeft andere aspiraties, verlangt direct contact te hebben met het volk en catechese te geven. Men stuurt hem naar Nantes voor een stage, maar hij komt niet goed terecht. Hij schrijft aan zijn geestelijke leidsman: “Ik wilde – en dat was trouwens ook uw bedoeling – mij gaan voorbereiden op het missiewerk en in het bijzonder op het geven van catechese aan de armen, een werk waar ik mij speciaal voor geroepen voel, maar er gebeurt niets van dat alles…”.

Ideaal tegenover werkelijkheid.

Met een groot ideaal bezield kan Montfort in Poitiers aan de slag. De bisschop vertrouwt hem het frans fabry,middelares en koningin,montfort,poiters,dochters der wijsheid,montfortanen,marie-louise trichetaalmoezenierschap in het Armenhuis toe, een instituut door Lodewijk XIV ingesteld om de armen van de straten weg te halen en ze in feite achter muren ‘op te bergen’. In Poitiers waren ze met ruim 400. Hier voelt hij zich thuis. De armen appreciëren dat hij ervoor zorgt dat de rantsoenen eerlijk worden verdeeld, maar zijn ook gevoelig voor zijn onderricht. Hij treedt tevens buiten het Armenhuis op en kent ook daar groot succes, maar juist dit valt niet in de smaak van de gesettelde clerus.
Tot overmaat van ramp vraagt een bourgeoismeisje, Marie-Louise Trichet, aan de bisschop om met en zoals Montfort in het Armenhuis mee op te komen voor de sukkelaars. De wijze van aanpak van de jonge priester strookt niet met de directie van het huis en Montfort wordt ontslagen.
Hij laat echter zijn ideaal niet in de steek en gaat in Parijs in eenzelfde instituut op dezelfde wijze aan de slag, met dezelfde gevolgen. Weer ontslagen vindt hij een onderkomen onder een trap. Brieven uit die tijd getuigen ervan met hoeveel vertrouwen en aandrang hij bidt om inzicht. Door een monseigneur opgemerkt wordt hij gevraagd om de leiding in een kartuizerabdij bij te staan. Plots krijgt hij een brief met een merkwaardige vraag: Frans Fabry, Middelares en Koningin, Montfort, Poiters, Dochters der Wijsheid, Montfortanen, Marie-Louise Trichet“Wij, armen van Poitiers, vragen dat Montfort terugkomt.” Hij keert terug in het Armenhuis en geeft daarenboven op gestructureerde wijze catechese in de armenwijken van de stad. Deze ervaring ligt aan de basis van zijn latere missiestijl: uitleg geven over het evangelie, de mensen zo leren bidden dat zij het als een weldaad ervaren, Maria betrekken bij het geloofsleven en een tastbaar middel aanreiken om het geloof levend te houden. Een schuur, omgebouwd tot een gebedsruimte met O.L.-Vrouw van de Harten als aantrekkingspool, is tot vandaag toe een heiligdom.

Omwille van de noden in de Kerk.

De mensen van deze wijken dragen hem op handen, maar de hogere clerus niet, met als gevolg dat hij uit het bisdom wordt gezet. Hij is ongetwijfeld ontgoocheld, maar geeft niet toe en doet ook niets af aan zijn wijze van priester-zijn, “omwille van de noden in de Kerk”, zoals hij reeds in 1701 schreef. Hij is bereid om tot aan de uiteinden van de wereld het evangelie te brengen, maar iets afdoen van het evangelisch ideaal wil hij niet. Hij besluit zijn visie aan niemand minder dan de paus voor te leggen, die hem opdraagt terug te keren en het evangelie te verkondigen in de lijdende Kerk van Frankrijk.
Het is niet altijd van een leien dakje gelopen.
Poitiers is voor Montfort, en ook voor Marie-Louise, de plek van de confrontatie van het ideaal met de werkelijkheid. Het heeft er meermaals gebotst, misschien juist daarom is zijn spiritualiteit levensecht geworden. Het valt op dat – in die tijd van grootste spanningen – van zijn persoon en zijn inzet ook echte aantrekking is uitgegaan. In de ogen van menigeen was God werkzaam in deze priester. Poitiers is dan ook de plek waar beide congregaties ‘geboren’ zijn, de dochters der Wijsheid en de montfortanen.

14-03-10

Veertigdagentijd.

calvaire-christDeze bijbelse achtergrond biedt ons alle ingrediënten om de veertigdagentijd voor Pasen inhoud te geven. De hele periode staat gespannen naar het Paasfeest toe. We gaan mee de weg van Jezus, die samen met zijn leerlingen optrekt naar Jeruzalem. Door de Goede Week van lijden en sterven heen, ontmoeten wij de Verrezene, de Heer, de Messias, Jezus de Christus. Op dit moment moeten wij ons voorbereiden. De woestijn in. Vandaar dat wij aan de veertigdagentijd het vasten verbinden, het uitsparen uit de eigen mond om te kunnen delen met anderen. En dat wij in contact blijven met God in ons gebed. De 'versterving' doet het niet meer, en toch gaat het daarover. Het is een beetje sterven aan zichzelf, om te kunnen sterven met Jezus en met hem te mogen opstaan tot nieuw leven. Als de lat hoog genoeg ligt, kunnen wij ook testen of we eraan kunnen. Veertigdagentijd is proeftijd. Niet om ons prestaties op te drijven en ermee uit te pakken, maar om onze trouw te meten, onze bereidheid om de weg van Jezus te gaan.

Uit het tijdschrift Middelares en Koningin van maart 2010 - blz. 4
Een jaarabonnement kost slechts € 17
Voor méér info surf je naar
www.montfortsite.be

12-03-10

In de woestijn.

voetsporen woestijnDrie van de vier evangelisten vertellen ons dat Jezus na zijn doopsel door Johannes de Doper gedurende veertig dagen en nachten in de woestijn verblijft. Bij zijn doopsel heeft hij als het ware zijn zending ontvangen. Gods Geestkracht is in hem gevaren. Maar hij blijkt nog niet honderd procent klaar te zijn. Hij moet nog op de rooster worden gelegd, hij moet nog op de proef worden gesteld. De geëigende plaats daarvoor is de woestijn. Daar ben je alleen, alleen met jezelf en ... met God. Maar Jezus was er ook alleen met de machten van het kwaad. Die zouden Jezus testen. Gaat hij voor de minste aantijging nog door de knieën of is hij er klaar voor? Die proeftijd had ook voor het volk Israël in de woestijn veertig jaren geduurd. Is dit volk bekwaam om mijn volk te zijn, vroeg God. Het bleek eigenlijk van niet. Het verviel altijd weer in dezelfde zondigheid. En God vertoonde altijd weer zijn zelfde barmhartigheid. Altijd weer gaf hij kansen om te herbeginnen. Ook Jezus werd op de proef gesteld en doorstond glansrijk dit examen. Toen kon hij de wereld in trekken, een groep mensen rondom zich verzamelen en zijn zending vervullen.

Uit het tijdschrift Middelares en Koningin van maart 2010 - blz. 4
Abonneer u nu voor slechts € 17 en surf voor info naar
www.montfortsite.be

10-03-10

Zondvloed en uittocht.

Desert Landscape"Veertig dagen en veertig nachten" is een uitdrukking die we voor de eerste keer in de Bijbel vinden in het verhaal van de zondvloed. God laat het veertig dagen en veertig nachten stortregenen op aarde. En in het tweede boek van de Bijbel - in het verhaal van de Uittocht - lezen wij hoe Mozes op de berg Sinaï veertig dagen en veertig nachten bij de Heer verblijft, vooraleer hij met de tafelen der geboden naar zijn volk afdaalt. En wanneer dan het verhaal van de uittocht zelf verteld wordt, blijkt die veertig jaar geduurd te hebben. Het kan niet dat dit allemaal letterlijk zo bedoeld is. Het moet dan wel een betekenis gehad hebben. Veertig was een symbolisch getal, volgens de omstandigheden verbonden met een duur van zoveel dagen of van zoveel jaren. Zou veertig jaar in die tijd niet de gemiddelde levensduur van een mens geweest zijn? Betekent veertig jaar dan niet een leven lang? De tijd die een mens moet uitdoen? De mens sterft als die tijd vol is. Pas dan bereikt de mens zijn uiteindelijke bestemming. Het is als het ware de tijd die wij krijgen om ons voor te bereiden op onze intrede in het beloofde land, zoals het volk Israël door de woestijn trok, veertig jaar lang, en dan het land mocht zien waar het zich voor altijd zou vestigen.

Uit het tijdschrift Middelares en Koningin van maart 2010 - blz. 4
Abonneer je nu op dit tijdschrift voor slechts € 17
Voor méér inlichtingen surf je naar
www.montfortsite.be

16-02-10

Onbegrensde liefde.

Het licht dat met Jezus is gaan schijnen was en is het licht van Gods menslievendheid. Gods liefde strekt zich uit naar alle mensen. Dat is zijn wezen. God is liefde. Zoals hij Schepper is van al wat leeft, zo is hij Vader van al wie leeft op deze aarde. En zo zijn alle mensen kinderen van die ene Vader en broers en zussen van elkaar. De verschillen, zelfs in religie of godsdienst, tussen de mensen, zijn van menselijke makelij. De liefde van God omspant alle culturen, alle religies, en laat zich door geen grenzen afsluiten. Gods liefde laat zich zelfs niet begrenzen door het geloof van mensen in Jezus. Binnen welk geloof mensen staan, of binnen welk ongeloof, Jezus roept hen wel allen op gestalte te geven aan Gods menslievendheid: elke medemens tot je naaste te maken, en zelf de naaste te worden van elke medemens.

Uit het Montfortaans tijdschrift Middelares en Koningin van februari 2010 blz. 5

14-02-10

Koester het licht.

"Wie kwaad doet haat het licht: hij komt niet naar het licht toe, want dan worden zijn daden openbaar gemaakt; maar wie de waarheid doet, komt wel naar het licht toe..." zegt Johannes in zijn evangelie (3,20-21).
Deze tekst kan ons oproepen om tijdens de komende vastentijd eens intens en actief naar het licht te zoeken: het licht als symbool van waarheid en vooral van goedheid.
"Koester het licht!"

kaars3Het 'licht van onze ogen' richt ons op ontmoeting - ook al zouden wij blind zijn.
Deze mooie uitdrukking wijst op relatie.
Door het licht kunnen wij de anderen ontmoeten.
Mensen die verliefd worden zijn gewoonlijk onder de indruk van wat zij zien: het licht in de ogen van de andere.
Zo bestaat er ook een 'innerlijk licht' en dat kan ons richten op wat wij niet zien maar ons toch verlicht: dat licht van het geloof in een God die liefde is. Niet voor niets heeft men licht sinds mensenheugenis verbonden met God en later ook met Jezus-Christus of zijn Geest. Het gaat nu eens niet om ons te laten 'beschijnen' maar om het zoeken en ervoor te zorgen dat het licht blijft en niet wordt overschaduwd door de duisternis.

Wie ons daarin voorgaat is Maria: zij zorgde voor 'het licht' dat naar haar was toegekomen. Zij koesterde het en gaf het door aan ons allen.

Uit het tijdschrift Middelares en Koningin van de Montfortanen - februari 2010 blz. 2

11-02-10

En er was licht.

"En God zei: er moet licht zijn! En er was licht",
zo lezen wij in het scheppingsverhaal van Genesis (1,3).
Toch is er in de schepping niet alleen licht, maar ook duisternis. Alleen al omdat de aarde rond de zon draait en om zijn eigen as.
In februari worden wij dat goed gewaar. De dagen worden duidelijk weer langer. Wij, die leven op het noordelijke halfrond, komen dichter bij de zon. Wij genieten van het licht en daar hebben wij verder geen verdienste aan: het is gratis en voor niks. Wat dat betreft is er dus geen 'energiecrisis'. Wat kan ons gebeuren? Tenzij de zon zou 'uitvallen'...

Uit het tijdschrift Middelares en koningin van februari 2010 blz.3

08-02-10

Verleiding.

voetsporen woestijnHoe kan Gods Geest spreken als geen verwachtiing wordt gekoesterd? En hoe kan een verwachting in je hart ontstaan als je niet iets verrassends hebt gehoord, vooral iets wat je ten zeerste aangaat?
Is er iets meer schokkends dan horen: "Jezus, Zoon van God, is voor jou gestorven en verrezen!" Of: "Hij is de weg!" Of nog: "Zie, Ik maak alles nieuw!"
Een hart dat leeft van de verwachting dat het dit echt mag meemaken, kijkt naar boven, zijn blik stijgt boven alle muren heen. Het begint te zien omdat het ontvankelijk is geweest, geluisterd heeft.
De komende veertigdagentijd verwijst naar de woestijnervaringen van het Godsvolk. Met Hosea 2,16 drukken we het zo uit: in deze vastentijd lokt de Heer je weer naar Hem toe en tracht nieuw, of opnieuw, tot je hart te spreken en je zijn licht aan te reiken - een heilzame verleidiing.

Uit het tijdschrift Middelares en Koningin van februari 2010 blz. 3
Voor méér info surf je naar
www.montfortsite.be of via de mailbox van deze blog.

06-02-10

Diingen waar geen woorden voor zijn.

hoopHet Goede Nieuws is dat bevrijdende hulp van buiten komt. God reikt je de hand en haalt je uit de put naar zijn licht toe. Maar dan moet je wel naar boven kijken, of beter uitgedrukt, je moet kijken met de ogen van je hart. Hij zegt redding toe, maar je hoort dat alleen als je luistert naar zijn woorden, als je met zijn beloften bezig blijft in je hart. Het hart is de plek waar de mens het meest zichzelf is. Met het hart zie je dingen waar zelfs geen woorden voor zijn.
"Mijn ogen hebben uw heil aanschouwd", zo bad de dankbare oude Simeon toen hij op het tempelplein Jezus in zijn armen mocht houden. Met zijn dagelijkse mensenogen zag hij eigenlijk niet meer dan een baby,maar met de ogen van zijn wachtende hart zag hij veel meer. Hij keek diep in de tijd en geloofde vast dat God zijn gedane beloften uitvoert. Iets zei hem: nu gebeurt het, dit kind brengt licht voor alle volken. Lucas geeft elementen voor uitleg. 'Iets' binnen in hem: er leefde een verwachting in zijn hart, zijn hart was attent, en 'iets' buiten hem: Gods Geest.

Uit het tijdschrift Middelares en Koningin van februari 2010 blz. 3
Voor info surf je naar www.montfortsite.be of via de mail van deze blog.

13:55 Gepost door Montfortteam in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: middelares en koningin, god, simeon, hart, lucas, geest, goede nieuws |  Facebook |

03-02-10

Je 'ziet' als je luistert.

donkere-wolken"Als je in de put zit, kijk naar boven, naar de zon."
Phil Bosmans, smm

"Kijk naar boven, daar schijnt de zon", klinkt misschien eenvoudig, maar simplistisch is het niet. Wij leven in een wereld met veel duisternis, door ondoordachtheid of onmacht, maar ook door eigen schuld.
Onschuldige uitspraken als: "Een eigen huis, een vaste job en gezondheid, dat is het belangrijkste", verdoezelen vaak een egocentrisch denken: ieder zijn eigen wereldje, alsof dan alles is opgelost en alle geluk voor het grijpen ligt. Soms, zonder het in de gaten te hebben, omringen wij ons met muren.
Als men begint te roepen in disputen worden echte wallen opgetrokken en zeker als men zich terugtrekt met het gevoelen 'niemand begrijpt me'. Het ergst van al zijn de muren van de eenzaamheid, als men niemand meer om zich heen weet en geen lichtpunt meer ziet.

Uit het tijdschrift Middelares en Koningin van februari 2010 blz. 3
Voor méér info surf je naar
www.montfortsite.be

14:29 Gepost door Montfortteam in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: phil bosmans, middelares en koningin, montfortsite |  Facebook |

03-09-09

God hoort ons

religie1Op hoogdagen in Scherpenheuvel, Oostakker, Banneux en zoveel andere heiligdommen kan je soms over de koppen lopen en, met wat geluk, een plekje vinden om een brandende kaars te offeren. Het lijdt geen twijfel, ook in deze tijd wordt nog gebeden.
Ik kijk toe en de drukte ondersteunt mijn bidden. Sommigen zitten roerloos naar het beeld van het heiligdom te kijken, anderen bewegen de lippen en laten devoot hun paternoster door hun vingers glijden. Een moeder wordt afgeleid door een kind dat ongeduldig wordt en misschien veel meer aan de kraampjes denkt dan aan de heilige aanwezigheid van 'iemand' uit de hemel. Het is warm weer en ik zie alle leeftijden passeren in elke mogelijke kledij. Sommigen nemen de tijd, anderen juist niet: ze zijn gehaast, slaan een kruis, maken een knikje met de knie of haasten zich naar de kaarsenbak.
Ik vraag me af wat Maria, vanuit haar nis, wel allemaal ziet en vooral wat Onze-Lieve-Heer, verderop in de hemel ziet. Ik kan niet anders dan mij inbeelden dat zij aandacht opbrengen voor ieder die langskomt. Zij alleszins in grotere mate dan ik. Zij zien immers veel meer, ook de binnenkant. En daar leeft heel wat. De hemel hoort hun gebed, daar twijfel ik niet aan. (...wordt vervolgd)

Uit het tijdschrift Middelares en Koningin - september 2009 - blz. 3

Voor méér informatie surf naar www.montfortsite.be

19:09 Gepost door Montfortteam in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: maria, middelares en koningin, montfortsite |  Facebook |

26-05-09

Brief van een 'verliefde'.

De lezing van de heilige Schrift vraagt om een bijzondere benadering. Het Oude en Nieuwe Testament vormen samen één groot verhaal over God op weg naar de mensen. Het gaat om die buitengewone ontmoeting, vol verrassingen. Maar je moet de rode draad vinden doorheen die meer dan zeventig geschriften en hiervoor is begeleiding kostbaar. En doorheen de geschiedenis treffen we gekwalificeerde gidsen aan. Paulus is hierin een kampioen maar ook vele andere heiligen, vaak op andere wijzen.
Een van hen is de heilige Montfort. Hij benadert die bundel van meer dan zeventig boeken als een 'brief van een Verliefde aan een vriend'.
De 'Verliefde' is niemand anders dan God, en de vriend was hij, Montfort.
Hij las het Eerste en het Tweede Testament met een luisterend hart en bewaarde de woorden die hem troffen in zijn hart tot ze hun klank prijsgaven. Geen decibels die je kan meten, maar wel de ervaring van de warmte van Gods hart die je onbegrijpelijk liefheeft.

Uit: Middelares en Koningin - mei-juni 2009 - blz. 3
Middelares en Koningin is een Mariaal tijdschrift van de Montfortanen.
Voor méér informatie surf naar:
www.montfortsite.be of mail naar lmgmontfort@gmail.com

19:47 Gepost door Montfortteam in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: middelares en koningin, montfort |  Facebook |